Refibo

Vermindering vennootschapsbelasting dankzij zomerakkoord

De keuze voor een vennootschap wordt gestimuleerd door het zomerakkoord van 26 juli 2017. De vennootschapsbelasting daalt in 2 fases: eerst in 2018, een tweede keer in 2020. Overweegt u de stap te zetten naar een vennootschap?

Heet van de naald. De fiscale beweegredenen om een vennootschap op te richten, worden dankzij het zomerakkoord aangesterkt. De federale regering heeft in het akkoord beslist om de vennootschapsbelasting in fases te verlagen. Vanaf 2018 wordt het standaardtarief 29 % (29,58 % inclusief crisisbijdrage van 2 %). Vanaf 2020 verlaagt het tarief naar 25 % en vervalt de aanvullende crisisbijdrage. Bovendien voorziet het akkoord een verlaging voor kmo’s van 20 % op de eerste schijf van € 100 000 vanaf 2018 [1].

Opstart onderneming: keuzes maken. Graag zetten we alles kort op een rijtje voor u. Wanneer u de ondernemerskriebel voelt opkomen en een eigen zaak wenst op te starten, moet u goed weten hoe en waar te beginnen. U dient de keuze te maken tussen het oprichten van een vennootschap of het opstarten van een eenmanszaak. Maak hierbij de afweging tussen de voor- en nadelen van beide ondernemingsvormen.

Diverse beweegredenen. Er zijn diverse goede redenen om een eenmanszaak of een vennootschap op te richten. Bij de keuze voor een vennootschap spelen bijvoorbeeld de mogelijks beperkte persoonlijke aansprakelijkheid van de vennoten, de eenvoudige familiale overdracht of de grotere transparantie mee. Voor een eenmanszaak kan de eenvoudigere administratie een reden zijn.  

Fiscale redenen. De voornaamste reden om een vennootschap op te richten, is fiscaal. Het resultaat van de vennootschap wordt apart belast in de vennootschapsbelasting. Bij een eenmanszaak daarentegen worden de inkomsten van de onderneming getaxeerd via de personenbelasting van de ondernemer.

Tarieven personenbelasting. De tarieven in de personenbelasting zijn progressief, ze stijgen naarmate het inkomstenbedrag hoger is. Op een inkomen boven de € 38 830 per jaar is het belastingtarief gelijk aan 50 % vermeerdert met gemeentebelastingen. Daar bovenop moet u als zelfstandige nog sociale bijdragen betalen. Deze elementen samen resulteren in een belastingdruk vanaf een inkomen van € 38.830 van meer dan 60 %.

Tarieven vennootschapsbelasting. In de vennootschapsbelasting daarentegen bedraagt het normale tarief voor 2017 33 % (te vermeerderen met een aanvullende crisisbijdrage van 3 %, nl. 33,99 %).

Verlaagd tarief. Wanneer het belastbaar inkomen van een vennootschap niet meer dan € 322 500 bedraagt en aan bepaalde voorwaarden voldoet, heeft zij recht op een verlaagd opklimmend tarief. Op de schijf tot € 25 000 is een tarief van 24,25 % van toepassing, op de schijf tot € 90 000 een tarief van 31 % en op de schijf tot € 322 500 een tarief van 34,5 % (cijfers voor 2017). Deze percentages dienen wel nog verhoogd te worden met de aanvullende crisisbijdrage van 3 %.

Loon en/of dividend. Uiteraard dient u privé ook geld te ontvangen van uw vennootschap om in uw levensonderhoud te kunnen voorzien. Er dient dus niet enkel vennootschapsbelasting te worden betaald. Er dient ook loon betaald te worden en/of een dividend te worden uitgekeerd.

De verloning zal een kost uitmaken in hoofde van de vennootschap en de ondernemer zal er privé, m.a.w. in de personenbelasting, op belast worden.

De vennootschap moet bij de uitkering van een dividend 30 % roerende voorheffing inhouden. Deze betaling door de vennootschap is bevrijdend, de aandeelhouder dient hier niets meer bovenop te betalen. Sinds 1 juli 2013 is het voor kleine vennootschappen [2] mogelijk om dividenden gunstig uit te keren tegen 15 % [3] in plaats van 30 %. De kwalificatie van kleine vennootschap wordt bekeken in belastbaar tijdperk van de inbreng dus niet op het moment van uitkering.

Tip! De inkomsten van een vennootschap en die van de natuurlijke persoon-zaakvoerder of -bestuurder kunnen zodanig worden georganiseerd dat er in totaal minder belastingen moeten worden betaald dan bij een eenmanszaak.

Lagere vennootschapsbelasting dankzij zomerakkoord. De fiscale beweegredenen om een vennootschap op te richten, worden dankzij het zomerakkoord nog aangesterkt. De federale regering besliste in het akkoord om de vennootschapsbelasting in fases te verlagen.

Vanaf 2018 wordt het standaardtarief 29 % (29,58 % inclusief aanvullende crisisbijdrage van 2 %). Vanaf 2020 verlaagt het tarief naar 25 % en vervalt de aanvullende crisisbijdrage. Bovendien voorziet het akkoord een verlaging voor kmo’s van 20 % op de eerste schijf van € 100 000 vanaf 2018.

Vennootschapsbelasting

2017

2018

2020

Basistarief

33 %

29 %

25 %

Kmo-tarief (vanaf 2018: verlaagd tarief voor deel belastbare grondslag kleiner dan of gelijk aan € 100 000)

verlaagd opklimmend tarief

20 %

20 %

Aanvullende crisisbijdrage

3 %

2 %

0 %


Bijkomende maatregel: lonen.
Tegenover deze verlaging van het belastingtarief voor KMO’s staat dat de vennootschap een groter deel van haar winst in de vorm van een bezoldiging zal moeten uitkeren.

Indien u als kmo wilt genieten van het verlaagd belastingtarief van 20 %, dan zal u € 45 000 per jaar aan de zaakvoerder moeten uitkeren als loon [4]. Indien u deze regel aan uw laars lapt, dan zijn de gewone tarieven van toepassing. Bijgevolg zal u vanaf volgend jaar belast worden tegen 29 % en niet tegen 20 % (te vermeerderen met de aanvullende crisisbijdrage van 2 % tot 2020). Op deze regel bestaat een uitzondering voor startende vennootschappen gedurende de eerste vier boekjaren. Deze startende vennootschappen zijn niet verplicht om € 45 000 aan loon uit te keren aan de zaakvoerder.

Indien een kmo meer dan € 45 000 belastbare winst heeft maar toch niet het vereiste loon uitkeert, wordt een geldelijke sanctie opgelegd. De vennootschap moet een bijkomende aanslag van 10 % betalen op het bedrag dat te weinig wordt gestort als bezoldiging.

Let op! Indien u als kmo niet het vereiste bedrag aan loon uitkeert, verliest u dus het recht op het kmo-tarief en betaalt u tevens bijzondere aanslag van 10%.

Ruimere afweging. Tot slot vermelden we dat de oprichting van een vennootschap ook een keerzijde heeft. Zo moet u meer oprichtingsformaliteiten volbrengen, zijn de juridische en administratieve verplichtingen strenger, dient er een uitvoerigere boekhouding te worden gevoerd en kunt u minder snel en gemakkelijk van de winsten van de vennootschap genieten.

REFIBO bvba. Aan iedere ondernemingsvorm zijn zowel voor- als nadelen verbonden. Het is aan de ondernemer om, in samenspraak met een boekhouder of accountant, de juiste afwegingen te maken en tot de meest voordelige optie te besluiten.


 

Documentatie:
Wenst u meer te weten te komen over de verschillende voor-en nadelen van een vennootschap? Lees dan zeker onze documentatie “vennootschap of eenmanszaak oprichting?”.

Bronnen:
[1] Ondernemingen met een jaaromzet van hoogstens 9 miljoen euro , een balanstotaal van minder dan 4,5 miljoen euro en minder dan 50 werknemers.
[2] Art. 15 W. Venn.
[3] Art 269, §2, tweede lid WIB ’92.
[4] In 2017 dient de vennootschap minstens € 36 000 aan loon uit te keren en bovendien nog aan andere voorwaarden voldoen.

Laatste revisie
06/09/2017 16u37

Publicatie datum
06/09/2017 16u37

Meer info